Het belangrijkste voor een schrijver is niet schrijven. Het belangrijkste is lezen, en vooral: dat de lezer wil lezen. Logisch toch?
Oude ogen
Ik heb mezelf de vraag vaak gesteld: wil mijn lezer verder lezen? Waar wordt het saai? Gaat het te snel, of juist te traag?
Maar vervelend genoeg, kan ik me niet verplaatsen in mijn eigen lezers. Ik ken het verhaal namelijk al. En ik ben (een beetje helaas) geen kind meer.
Op zoek naar frisse ogen
Ik vroeg een klas vol kritische kinderen of ze het eerste hoofdstuk wilden lezen. Dat wilden ze. Ik stelde er een aantal vragen bij, zoals: wat voor gevoel heb je in het eerste stuk? Hoe denk je dat het verder gaat? En wil je na dit hoofdstuk verder lezen?
Ik zal je eerlijk zeggen: het was behoorlijk spannend om die vragen te stellen. Straks vinden ze het allemaal saai!
Eerlijke meningen
Maar zo ging het niet. Kinderen zijn hartstikke eerlijk. Ze zeggen wat ze leuk vinden, en wat ze niet leuk vinden. Ook als het om boeken gaat. Zo vertelden veel kinderen mij dat ze het verhaal spannend vonden, en nieuwsgierig waren hoe het verder gingen. Sommige kinderen lazen liever een ander genre, of vonden het eerste een beetje snel gaan. De meeste kinderen wilden het boek verder lezen. Maar ze stelden mij ook een belangrijke vraag: hoe gaat het boek heten?
Tekening op de afbeelding is gemaakt door Fien.
Titeljacht
Tja, ik had nog geen titel bedacht. Dat wil zeggen: nog geen titel waar ik blij mee was. Ik vroeg de kinderen daarom om met me mee te gaan, op titeljacht! Ze hadden allerlei ideeën:
- Armonia
- De storm van Armonia
- Levi en de storm
- Levi en de professor
Vlug schreef ik alle ideeën op, om ze later nog eens te bekijken.
De knoop doorgehakt
De volgende dag bleef ik kauwen op de titels. En na een tijdje wist ik het: Levi en de brug. Dat moest het worden! Ik was erg blij met de titel en zocht door mijn aantekening: had een van de leerlingen deze titel genoemd? Ja, daar! In het huiswerk van Stef stond ie: Levi en de brug. Wat een goeie, dankjewel Stef!